De beleggingshypotheek
Het fundamentele verschil tussen een beleggingshypotheek en
de levenhypotheken is dat het vermogen (voor aflossing van de
hypotheek) niet wordt opgebouwd in een verzekering. Er wordt
dan ook geen premie aan een verzekeraar betaald. De hypotheeklasten
bestaan naast de hypotheekrente uit een bedrag dat wordt belegd.
Dat kan een periodieke en/of eenmalige inleg zijn in een fonds
naar keuze (soms worden hieraan beperkingen gesteld door de bank).
Het te investeren bedrag kan al dan niet in het hypotheekbedrag
worden opgenomen.
Box III en de beleggingshypotheek
Het vermogen dat u met een beleggingshypotheek opbouwt, wordt
belast in box III. U betaalt dan 1,2% over het gemiddeld uitstaand
vermogen per jaar (belastingtarief van 30% x fictief rendement
van 4% = 1,2%). In box III geldt een vrijstelling.
Vrijheid en risico van de beleggingshypotheek
De beleggingshypotheek geeft u maximale vrijheid. Hierbij bent
u zelf verantwoordelijk voor de vermogensopbouw. Om het rendement
positief te beïnvloeden, kunt u actief met de beleggingen
omgaan. U kunt ook een minder actieve beleggingsstrategie volgen.
Maar… er is hoe dan ook geen zekerheid over het eindkapitaal.
Bij beleggen geldt doorgaans dat hoge rendementen gepaard gaan
met hogere risico's. U kunt ervoor kiezen om een beperkt aantal
aandelen te kopen waar u vertrouwen in heeft. Het rendement moet
immers wel hoog genoeg zijn. Valt het rendement tegen, dan bestaat
de kans dat u uiteindelijk de hypotheekschuld niet volledig kunt
betalen.
Koerswinst opnemen
Bij de beleggingshypotheek heeft u ook veel vrijheid ten aanzien
van de inleg: deze kunt u gedurende de looptijd verlagen of verhogen.
Verder kunnen aandelen worden verkocht, waarna er andere voor
worden teruggekocht. Zo kunt u optimaal profiteren van verwachte
koersontwikkelingen. Vaak is het mogelijk de koerswinst tussentijds
op te nemen voor andere doeleinden. De fiscus legt daarvoor in
principe geen restricties op. Wel moeten de behaalde winsten
dit toestaan.
Overlijdensrisicoverzekering
Soms kan het rendement tijdelijk achterblijven. Dat houdt een
risico in voor de hypotheekverstrekker als u tussentijds mocht
komen te overlijden. De meeste geldverstrekkers stellen daarom
een overlijdensrisicoverzekering als voorwaarde.
Kernpunten van de beleggingshypotheek:
- Geen verplichte aflossing
- Aflossing niet binnen het verzekeringsproduct
- Eenmalig of periodiek beleggen in effecten
- Losse overlijdensrisicoverzekering meestal verplicht
- 30 jaar maximaal fiscaal voordeel
- (Mogelijke) vermogensrendementsheffing in box III
- Kapitaalvrijstelling in box I wordt niet benut
- Invloed op rendement door kopen en/of verkopen van effecten
Voordelen van de beleggingshypotheek:
-Positief beïnvloeden van de vermogensopbouw.
-Maximaal fiscaal voordeel in de renteaftrek.
-Flexibiliteit gedurende de gehele looptijd.
-Keuzemogelijheid box I of III.
-Geldverstrekker en verzekeraar mogen verschillen.
Nadelen van de beleggingshypotheek:
-Negatieve beïnvloeding van de vermogensopbouw.
-Beleggingsrisico.
Geeft het u een prettig gevoel de hypotheek te kunnen beïnvloeden
en de flexibiliteit te hebben aanpassingen te verwerken die zich
ook in uw leven voor kunnen doen? Daarnaast maakt u zich niet
druk om eventueel wat mindere jaren op beurs, oftewel in uw beleggingsverzekering.
Dan is de beleggingshypotheek wellicht de juiste optie voor u.
Om de uiteindelijke hypotheekvariant te bepalen is een adviserend
gesprek naar onze mening op zijn plaats.
|